De eerste herfstregen tikt tegen het raam. Je zet thee, kijkt naar buiten, en denkt aan niets bijzonders: gewoon water dat valt, zoals het al miljoenen jaren doet. Behalve dat het dat, sinds een paar decennia, niet meer helemaal is.
Wetenschappers vonden de afgelopen jaren iets dat de gewone waterkringloop behoorlijk op zijn kop zet: er zit plastic in de regen. Niet als beeldspraak, maar letterlijk, microscopisch klein, meegelift in de druppel die net op je raam uiteenspatte.
In het kort
- Onderzoekers vonden microplastics in regenwater in de Rocky Mountains (VS) en zelfs in wolkenwater op de top van de Fuji (Japan): microplastics hebben inmiddels een eigen plek in de atmosfeer veroverd.
- Een studie in Science (2020) schatte dat er jaarlijks meer dan duizend ton microplastics neerdaalt op beschermde natuurgebieden in het westen van de VS, het gewicht van meer dan 120 miljoen plastic waterflessen.
- In Nederland is niet hetzelfde onderzoek gedaan, maar de Unie van Waterschappen meet wél een duidelijke piek: na regenval stijgt de microplasticconcentratie in geloosd rioolwater van circa 300 naar 1.500 deeltjes per liter.
- De bronnen zijn alledaags: bandenslijtage, synthetische kledingvezels, verf en uiteenvallend zwerfafval, die via wind en water uiteindelijk weer met de regen naar beneden komen.
- Er is geen simpele “oplossing” voor atmosferisch plastic, maar het besef dat plastic inmiddels meedraait in de waterkringloop is een goed vertrekpunt om anders naar alledaagse plastic-keuzes te kijken.
Hoe wetenschappers erachter kwamen
Het begon met een toevalstreffer. Een team van de Amerikaanse geologische dienst verzamelde regenwater in de Rocky Mountains in Colorado, ver van elke stad, om stikstofvervuiling te onderzoeken. Onder de microscoop zagen ze iets anders: gekleurde plastic vezeltjes, bolletjes en scherfjes, in bijna elk monster. Wat volgde was een grootschalige studie, gepubliceerd in het gezaghebbende tijdschrift Science in 2020, die schatte dat er jaarlijks meer dan duizend ton microplastics neerdaalt op beschermde natuurgebieden in het westen van de Verenigde Staten. Omgerekend: het gewicht van meer dan 120 miljoen plastic waterflessen, uitgestrooid over wildernis waar bijna niemand komt.
Onderzoeksleider Janice Brahney zei destijds dat haar team de resultaten eerst niet vertrouwde en de berekeningen keer op keer controleerde. Het bleek te kloppen: microplastics hebben, naast een oceaan- en bodemcyclus, ook een eigen plek in de atmosfeer veroverd.
Aan de andere kant van de wereld vonden Japanse onderzoekers iets dat het verhaal nog een laag dieper maakt. Ze beklommen de Fuji en de Oyama, en verzamelden water rechtstreeks uit de wolken. Ook daar: microplastics, negen verschillende soorten kunststof en een type rubber, in hoeveelheden tussen de 6,7 en 13,9 deeltjes per liter wolkenwater. Sommige van die deeltjes waren zelfs “hydrofiel”, waterminnend, wat suggereert dat ze actief meehelpen bij het vormen van wolken zelf. Regen ontstaat dus, in een deel van de gevallen, letterlijk rond een kern van plastic.
En dichter bij huis?
Voor Nederland is er niet precies hetzelfde onderzoek gedaan als in Colorado of op de Fuji. Maar de Unie van Waterschappen heeft wel een eigen, verwant gegeven, en het is een tekenend. Onder normale omstandigheden meten waterschappen ergens tussen de 50 en 200 microplasticdeeltjes per liter in Nederlands zoet water. Bij het effluent van rioolwaterzuiveringen, wat naar het oppervlaktewater wordt geloosd, ligt dat rond de 300 deeltjes per liter. Maar na regenval schiet dat aantal omhoog naar zo’n 1.500 deeltjes per liter.
Het mechanisme is net iets anders dan bij Brahney en de Fuji-onderzoekers, en dat verschil is de moeite van het benoemen waard.
| Colorado / Fuji (internationaal) | Nederland (Unie van Waterschappen) | |
|---|---|---|
| Wat er gebeurt | Deeltjes zweven al in de lucht en vallen mee met de regen naar beneden | Deeltjes liggen al op straat/verharding en spoelen bij regen versneld het riool in |
| Mechanisme | Atmosferische depositie | Afspoeling en rioolwateroverstort |
| Meting | 6,7-13,9 deeltjes/liter wolkenwater (Fuji); 1.000+ ton/jaar (VS-natuurgebieden) | Stijging van circa 300 naar 1.500 deeltjes/liter geloosd rioolwater |
| Bron | Brahney et al. (2020), Science; Okochi et al., Environmental Chemistry Letters | Unie van Waterschappen |
In Colorado en op de Fuji gaat het om deeltjes die al in de lucht zweefden en met de regen mee naar beneden kwamen. In Nederland gaat het vooral om deeltjes die al op straten, daken en verharding lagen, van jarenlange bandenslijtage en achtergebleven zwerfafval, en die de regen in één klap het rioolsysteem in spoelt. Twee verschillende routes, met hetzelfde resultaat: regen als vervoermiddel voor plastic dat er eigenlijk niet had moeten zijn.
Waar dat plastic in de lucht vandaan komt
Het is niet zo dat er ergens fabrieken zijn die plastic de lucht in blazen. De bronnen zijn verrassend alledaags. Bandenslijtage van auto’s op de snelweg. Synthetische kledingvezels die al bij het dragen, en zeker bij het wassen, loskomen en via wasstraten en de lucht verder reizen. Verf die afbladdert. Zwerfafval dat in het zonlicht en door wind langzaam uit elkaar valt in steeds kleinere snippers, tot ze licht genoeg zijn om mee te waaien.
Eenmaal in de lucht, blijken deze deeltjes verder te reizen dan je zou verwachten. Onderzoek naar de herkomst van luchtdeeltjes op afgelegen plekken laat zien dat een deel afkomstig is van honderden kilometers verderop, meegevoerd door de wind, tot het ergens boven een berg, een natuurgebied, of gewoon jouw achtertuin weer naar beneden komt. Met de regen mee.
Wat je hiermee kunt, en wat niet
Laten we eerlijk zijn: je gaat de atmosferische plastic-kringloop niet in je eentje oplossen door morgen iets anders te doen. Dat is ook niet het punt van dit verhaal. Wat wél de moeite waard is: onthouden dat de scheidslijn tussen “hierbinnen” en “daarbuiten” vervaagt. Het plastic in je autoband, je fleecetrui en het zwerfafval op straat blijft niet netjes op zijn plek liggen. Het reist mee met wind en water, en komt via de regen weer terug in de kringloop die je altijd voor puur en simpel hield, precies de deeltjes die ook centraal staan in wat microplastics precies zijn.
Voor nu is er misschien geen betere, kleine daad dan dit: de volgende keer dat je naar de regen kijkt, weet je dat het niet meer helemaal is wat het lijkt. En dat besef, hoe klein ook, is precies waar verandering meestal begint.
Veelgestelde vragen over microplastics in regen
Regent het echt plastic?
Ja, in de zin dat wetenschappers microplastics hebben aangetroffen in regenwater en zelfs in wolkenwater. Het gaat om microscopisch kleine deeltjes, niet om zichtbaar plastic afval dat uit de lucht valt.
Waar komen microplastics in de lucht vandaan?
Vooral van alledaagse bronnen: slijtage van autobanden, synthetische kledingvezels die loskomen bij dragen en wassen, afbladderende verf, en zwerfafval dat door zon en wind langzaam uiteenvalt in steeds kleinere deeltjes die licht genoeg worden om mee te waaien.
Is er ook Nederlands onderzoek naar microplastics in regen?
Niet naar exact hetzelfde fenomeen als in Colorado of op de Fuji, maar de Unie van Waterschappen documenteert wel een duidelijk verwant effect: na regenval stijgt de microplasticconcentratie in geloosd rioolwater flink, omdat regen deeltjes van straten en verharding het rioolsysteem in spoelt.
Kun je zelf iets doen tegen microplastics in de lucht en regen?
Niet direct tegen de atmosferische kringloop zelf, die is te grootschalig voor individuele actie. Wel kun je de bronnen aan de basis verkleinen, in de geest van plastic verminderen in huis: minder synthetisch textiel wassen op hoge snelheid, banden op tijd vervangen, en zwerfafval opruimen waar je het tegenkomt.
Bronnen
- Brahney, J. et al. (2020). Plastic rain in protected areas of the United States. Science, 368(6496), 1257-1260.
- Okochi, H. et al. (2023). Microplastics in the atmosphere: first report on microplastics in cloud water. Environmental Chemistry Letters.
- Unie van Waterschappen. Microplastics in water. Geraadpleegd via unievanwaterschappen.nl

